06-24677265 frouke@spicypepper.nl
Zelfsabotage houdt jouw eetbuien in stand

Zelfsabotage houdt jouw eetbuien in stand

Eén van de thema’s in mijn groepstraining “stap uit de vicieuze cirkel van eetbuiten” gaat het over zelfsabotage, angst en over weerstand. Ik startte de bijeenkomst met de stelling “ik weet het wel maar ik doet het niet, wat houdt me nou echt tegen?”. Alle deelnemers waren bevestigend aan het ja-knikken. Ook stelde ik op Instagram Stories de vraag wie deze stelling herkende. En daar kwam uit dat 100% van de mensen die reageerden het herkenden. Ik weet het wel, maar ik doe het niet!

Je hebt de kennis, maar niet de skills

Je weet vaak wel hoe het zit qua eetbuien, emotie eten, lichaamsacceptatie. Je hebt kennis opgedaan uit boeken, gesprekken met anderen, via online trainingen. Maar als puntje bij paaltje komt stap je toch weer in die ene valkuil. Je hebt misschien met jezelf afgesproken dat je bepaalde eetregels loslaat. En dat lukt voor een tijdje heel goed. Maar toch zak je uiteindelijk weer terug in een oude gewoonte.

Dat komt omdat je de kennis wellicht wel in pacht hebt, echter betekent dat niet dat je ook de skills hebt om het te veranderen. Om het vol te houden. Eigen te maken. Om uit bepaalde oude patronen te komen. Ik herken dat ook bij mezelf. Ik heb een rijk verleden wat betreft zelfhulpboeken en online cursussen die ik volgde van zelfbenoemde goeroes. Maar ik liep toch telkens weer vast. Ik merkte dat echt contact met de juiste (professionele) mensen nodig was. Zij weten precies wat ze doen, wat ze zeggen en welke volgende stap ze jou aan moeten reiken. Dat heeft er dan ook in geresulteerd dat ik echt kon oefenen. Vol kon houden. En bij een terugval iemand had om mee te sparren en te onderzoeken waarom ik een terug val had.

Blinde vlek

Als je van je eetbuien of van emotie eten af wilt, of je gaat een proces door van lichaamsacceptatie of zelfliefde, dan heb je ook gewoon een aantal blinde vlekken voor jezelf. Jij zit in je lijf en in je hoofd en je ziet de dingen dus vanuit je eigen ogen. Je ziet dingen gekleurd. Vanuit je eigen overtuigingen en gedachten. En we nemen die gedachten ook vaak aan voor waarheid. Maar dat is niet zo. Het grootste gedeelte van onze alle gedachten die je hebt zijn onbewuste gedachten. Die komen en gaan en gaan overal over. Het is niet gezegd dat die gedachten ook de waarheid zijn.

Het is niet voor niets dat Henry Ford zei “Whether you think you can or you think you can’t, you’re right”. Want wat je ook tegen jezelf zegt; je hebt gelijk. Krijg je een opdracht en ga je er bij voorbaat al vanuit dat je het niet kunt, dan is de kans zeer groot dat het ook niet lukt. En andersom werkt dat natuurlijk ook zo.

Hoe herken je zelfsabotage?

En dit alles heeft dus te maken met zelfsabotage. Ik noem dat ook wel innerlijke saboteurs. Negatieve stemmetjes in jou die voortkomen uit bepaalde overtuigingen. Dingen die je ergens van vindt, over jezelf.

Een veel voorkomende overtuiging die ik tegenkom is dat de mensen om me heen liever voor anderen zorgen dan voor zichzelf. Ze cijferen zichzelf weg, Zelfsabotage is vaak erg subtiel, dus niet altijd door jezelf te herkennen als zelfsabotage.

Denk bijvoorbeeld aan het maken van excuses:

  • Ja maar als ik dat doe dan gebeurd er dit..
  • Nee ik kan mijn telefoon niet helemaal uit zetten want voor die en die moet ik bereikbaar blijven
  • Er moet nog zoveel gebeuren, dat kan niet blijven liggen

Of er zijn obstakels / beren op de weg:

  • Dat kan ik niet
  • Dat heb ik nog nooit gedaan
  • Als ik dat doe dan denken mensen dat ik lui ben
  • Als ik dat nu niet doe dan gebeurd het nooit

En de meest bekende signaal van zelfsabotage is uitstelgedrag vertonen:

  • Heb nu geen tijd, doe ik morgen wel
  • Ik heb nu geen zin
  • Nee nu ben ik te moe
  • Ik heb nog zoveel te doen
  • Nee eerst moet ik die nog bellen en dat nog doen

Hand in hand met angst

Zelfsabotage gaat hand in hand met angst. Angst om bepaalde dingen te bereiken. Stel je wil op zondag een uur lang een boek lezen en daarvoor je telefoon uit zetten. Dit is een daad van zelfliefde. Iets wat je misschien niet gewend bent. Wanneer je dit dan doet wordt je onrustig. Je voelt je misschien zelfs nutteloos. De reden dat dit gebeurt heeft alles te maken met je reptielenbrein.

In de Podcast “Ik weet het wel maar uiteindelijk doe ik het niet (zelfsabotage) leg ik wat meer uit over het reptielenbrein en ga ik dieper in op de angst.

Tips om lekkere trek na het eten tegen te gaan

Tips om lekkere trek na het eten tegen te gaan

Je hebt net je avondeten op en een half uur tot een uur naderhand heb je alweer honger. Of eigenlijk is het geen honger maar vooral lekkere trek. Herken je dat? Er zijn veel verschillende redenen waarom dit kan zijn. Er is echter geen pasklaar antwoord voor jou. Want ik ken jou en je geschiedenis niet. Dus ik kan er weinig over zeggen. Wat ik wel kan doen is een aantal redenen opnoemen en je vooral ook vertellen wat je kunt doen om de oorzaken te elimineren.

Hoe ziet je avondeten eruit?

De eerste vraag die ik altijd aan mijn klanten stel wanneer ook zij last hebben van lekkere trek na het eten is hoe hun avondeten eruit ziet. Eet je veel vers? Of gebruik je voornamelijk pakjes, zakjes en potjes met eten? Wanneer je regelmatig uit zakjes en pakjes eet dan kan het zijn dat je teveel zout binnen hebt gehad. Er is namelijk ongemerkt veel zout aan bewerkt voedsel toegevoegd. En zout zorgt voor dorst.

Hoe het dan komt dat je juist lekkere trek krijgt na het eten van (te)veel zout is omdat in je hersenen je honger centrum precies naast je dorst centrum zit. En vaak verwar je daarom dorst met honger.

Tips om het honger/dorst verhaal uit te schakelen

Experimenteer eens een week lang met het eten van vers eten in plaats van pakjes en zakjes. En kijk eens of je dan nog steeds lekkere trek hebt.

Of drink elke keer als je denkt dat je lekkere trek hebt even een glas water en wacht 5 of 10 minuten. Heb je daarna nog steeds lekkere trek of is het gevoel weg? In Podcast aflevering 18 ga ik dieper op deze tip in.

Suiker is een andere veroorzaker

Er zit in bewerkt voedsel (denk hierbij aan Chicken Tonight, Knorr wereldgerechten, enzovoort) vaak veel suikers toegevoegd. En suikers zorgen voor een schommeling in je bloedsuikerspiegel. Door die schommelingen krijg je ook weer lekkere trek. Het kan dus zijn dat je ongemerkt meer suiker hebt gegeten tijdens het avondeten dan je dacht.

Ook hierbij is de tip om zoveel mogelijk vers te eten.

Verzadigings- en hongergevoel

Er kan ook iets mis zijn met je verzadigingsgevoel. Dit gebeurd vaak wanneer je veel gedieeet hebt in je leven. En je dus geluisterd hebt naar eetregels zoals die van Sonja Bakker en Intermitted Fasting. Je bent dan namelijk gestopt met het luisteren naar de signalen van je lijf. En dus ook naar de signalen van je verzadigingsgevoel en hongergevoel.

In Podcast 18 “Lekkere trek na het eten” vertel ik meer over hoe dit precies werkt qua hormonen en geef ik een heleboel extra tips om hier bewuster mee om te gaan. Ook geef ik nog een aantal andere redenen voor het hebben van lekkere trek plus tips.

Ik ben heel benieuwd of je jezelf in bovenstaande al herkent?

 

3 tips om te ontdekken waar jouw eetbuien vandaan komen

3 tips om te ontdekken waar jouw eetbuien vandaan komen

We denken vaak dat eetbuien er zijn omdat we geen doorzettingsvermogen of daadkracht hebben om ze te weerstaan. Door te diëten, hopen we grip te krijgen op die eetbuien. Je raakt gefrustreerd, je wordt zwaarder en raakt gefocust op je gewicht. Dan zit je in de vicieuze cirkel van eetbuien.

Dan kom je op het punt dat je je realiseert dat diëten niet helpt en alles alleen maar erger maakt. Je gaat op zoek naar boeken, artikelen, podcast en coaches die beweren dat je af kunt vallen zonder te diëten. En wellicht val je af, maar je bent nog steeds gefocust op je gewicht en op je eetregels. Dit is nog steeds een grote trigger voor eetbuien want echt om leren gaan met je diepgewortelde overtuigingen heb je niet. Het komt niet verder dan ‘mindset’. Nieuwe pleister op de wond, maar de ontevredenheid over jezelf of de voortdurende onrust in je hoofd gaat maar niet weg.

Dan ontdek je dat de wortels van jouw verstoorde relatie met eten vaak al in je kinder- of tienertijd zijn gepland; een diëtende moeder, de schoolarts die je te dik vond, die pestkoppen die je uitkafferden. Zij gaven je de overtuiging dat je niet goed bent, dat dik zijn verkeerd is en dat je er niet bij hoort. Zij veroordeelden jou al terwijl (als je je foto’s terugkijkt) jij eigenlijk helemaal niet ongezond of dik was.

Turn your mess into a message! Wat zeggen jouw eetbuien jou? Welke overtuigingen overschaduwen jouw eetbuien? Leer luisteren naar het verhaal van jouw eetbuien! Want ze zijn er niet voor niks?

Heb jij een verstoorde relatie met eten, bijvoorbeeld de hele dag aan eten denken, eten in goed/slecht indelen, op maandag steeds weer opnieuw beginnen met lijnen?

Dan wil ik je de volgende tips meegegeven:

1. Denk eens na over hou oud je was toen je voor het eerst onzeker was over je uiterlijk of toen je voor het eerst op dieet ging!

2. Welk gevoel had je toen vooral over jezelf? Kijk eens heel eerlijk naar je zelf; is er toen al een fictief zaadje gepland in je hoofd waardoor je nu nog steeds soms denkt dat je niet goed genoeg bent, dat je gelukkiger bent als je slanker bent en dat dik zijn ongezond is?

3. Realiseer je dan dat je járen met deze overtuigingen hebt rondgelopen over jezelf en dat deze overtuigingen de oorzaken zijn van de reden dat je steeds weer controle uit wilt oefenen op je lijf door te diëten of de reden dat je een emotie-eter bent geworden. Of dat deze overtuigingen nu misschien nog steeds de redenen zijn dat het je maar niet lukt om vrede te sluiten met het lijf dat je nu hebt!

4. Bonustip: als je ècht van je eetbuien of je lage zelfbeeld af wilt, dan mag je behoorlijk wat de tijd uittrekken om hiervan te ‘helen’, zodat je geen last meer zult hebben van eetbuien. Zoek daar hulp voor! Als eetbuiencoach kan ik je daar heel goed bij helpen! Wacht niet te lang, want hoe langer je wacht, hoe langer het gaat duren voordat het einde van jouw eetbuien in zicht komt!

7 mindset-tips tegen eetbuien tijdens de feestdagen

7 mindset-tips tegen eetbuien tijdens de feestdagen

Feestdagen zijn altijd super-gezellig! Maar… soms ook wel een uitdaging. Veel eet-verleidingen en drink-verleidingen liggen op de loer.

Hoewel de feestdagen langzaam aan pas na Halloween in oktober zijn intreden doen, vind je in augustus al pepernoten in de winkels. En helaas niet verstopt in de gang van de koekjes, maar in felle displays en juist bij de kassa’s.

In mijn blog ’12 tips om de snoep-verleidingen te weerstaan tijdens de feestdagen’ lees je een aantal praktische tips die je direct kunt toepassen. Het zijn tips die je op de korte termijn kunnen helpen.

In dit artikel wil ik je een aantal tips geven waarmee je je mindset kunt versterken tijdens de december-feestdagen. Waardoor je wat milder voor jezelf kunt zijn, als het gaat om eten.

1. Positief denken.

Dit is de allerbelangrijkste tip. Dit is de basis voor alle volgende tips in dit artikel.

Of je nu denkt dat je het kan of dat je nu denkt dat je het niet kan; je hebt altijd gelijk! Zolang jij geloof dat je iets kunt, dan kun jij het ook! Het begint namelijk altijd met geloven in jezelf. Laat jij je tegenhouden door twijfels, angsten en onzekerheden? Doe er iets aan! Werk aan je zelfvertrouwen. Schrijf bijvoorbeeld elke dag 3 dingen op waarvan jij vind dat je dat goed hebt gedaan.

2. Kerst duurt maar een paar dagen.

Het is natuurlijk hoe je het bekijkt. Beschouw je december als een hele maand vol met snoepen, snacken en snaaien of kun je alle ‘gewone’ dagen in de maand december ook echt als ‘gewone’ dagen zien waarin je je gewone eetpatroon aanhoudt? Maak de kerst qua eten niet groter of belangrijker dan het eigenlijk is. Het is maar kerst, en dat is er volgend jaar ook weer.

3. Pieker niet over de dingen waar je geen controle over hebt.

Want, waar je geen controle over hebt, kun je toch niet veranderen. Wat je wel kunt kunt doen is voor jezelf bedenken hoe je ergens mee om wilt gaan. Je hebt bijvoorbeeld geen controle over het kerstdiner bij je schoonouders. Dus daarover piekeren heeft geen zin. Maar je kunt wel voor jezelf bedenken dat je rustig eet, overal van mag genieten en dat je goed voelt aan je lijf wanneer je genoeg hebt gehad.

4. Eet wat je echt lekker vindt.

Klinkt een beetje voor de hand liggend want je vindt vast alles lekker. Maar kies datgene wat jij het cijfer 9 of een 10 zou geven. Zo kun je je bijvoorbeeld afvragen of de stokbroodjes kruidenboter voor jou een 10 zijn, of eigenlijk maar een 7. Laat ze dan gewoon lekker liggen en eet dat extra stukje vlees van de gril. Zijn die gewone chips voor jou net zo bijzonder als die heerlijke toastjes met zalm? Gun jezelf alleen het allerbeste en het allerlekkerste. Dat verdien jij!

5. Je mag alles eten.

Jij mag jezelf toestemming geven om voluit te genieten. Dat betekent natuurlijk niet dat je jezelf helemaal vol hoeft te vreten. Wat ik bedoel is dat je je eetregels loslaat. Dus al jouw oordelen over hoeveelheden en portiegrote, maar ook gezonde/ongezonde producten mag je loslaten. Je mag zelfs loslaten dat je op vaste momenten moet eten. Belangrijk is dat je luistert naar je lijf: heb je ergens zin in, heb je honger, heb je genoeg gehad of even helemaal geen trek? Dat is allemaal prima. Eetregels zorgen juist voor eetbuien en frustraties. Als je definitief jouw eigen eetregels los hebt gelaten zul je merken dat de eetbuien wegblijven. Omdat je hebt leren luisteren naar de behoefte van je eigen lijf.

6. Geef aandacht en geniet.

Door je aandacht bij het eten te houden, voel je gemakkelijker of je iets ook lekker vind en of je genoeg hebt gehad. Het is natuurlijk heel gezellig om honderduit te kletsen met iedereen aan tafel, maar neem soms ook een momentje stilte voor jezelf. Een handig trucje hiervoor is het inzetten van je zintuigen.

– Wat zie je? Welke kleuren liggen er op je bord?

– Wat ruik je? Herinnert een bepaalde geur je ergens aan?

– Wat hoor je? Luister eens naar het gepruttel van de fondue of het gelach van je partner.

– Wat proef je? Kauw eens wat langer op een hapje en wacht even voordat je meteen doorslikt.

– Wat voel je? Voel je je soep door je slokdarm je maag in glijden? En die hap ijs?

Deze trucjes komen uit het ‘mindful eten’. In mijn blog ’10 stappen om met aandacht te eten’ vind je nog meer leuke ‘mindful’ dingen die je kunt om je aandacht meer bij het eten te houden.

7. Het hoeft niet persé nu!

Vaak overeten mensen omdat ze juist het gevoel hebben dat je alleen met kerst al die lekkernijen kunt eten. Maar je kunt het hele jaar door lekker of chique eten. Doe dat eens! Je kunt ook met Pasen nog genieten van heerlijke stol en dat crème brûlée-toetje kun je in de koelkast zetten en is morgen ook nog lekker om te eten. Over-eet jezelf dus niet. Je komt heus niks te kort en je hoeft echt niks te missen.

Ik ben benieuwd welke van de bovenstaande tips je het meeste aanspreekt! Wil je het me laten weten? Ik vind het leuk als je een reactie onder deze blog achter laat!

12 tips om de snoep-verleidingen tijdens de feestdagen te weerstaan.

12 tips om de snoep-verleidingen tijdens de feestdagen te weerstaan.

Je kunt er niet omheen. Vanaf 29 augustus vind je elk jaar al pepernoten in de winkels, alsof dat een soort officiële datum is, je kunt de folders er op naslaan. Maar vooral de maanden november en december zijn heftig; roomboterbanketstaaf naast de lopende band bij de kassa, chocoladeletters 4 halen 3 betalen, pepernoten in zeezout-karamelsmaak, en ga zo maar door.

En zodra die Goede, Lieve Sint het land weer uit is, worden alle displays in de winkels vervangen door chocolade kerststerren, schuimkransjes en kerststol. En als de kerst voorbij is, dan volgt er nog een lading snack-aanbiedingen en oliebollendeals voor oudjaarsavond.

Het vergt een sterke ruggengraat en een goed stel hersens om deze verleidingen met regelmaat te kunnen weerstaan. Natuurlijk kun je best wel eens genieten van een handje lekkere pepernoten of een stukje roomboterstaaf bij de warme chocomel. Als de intentie is dat je er bewust voor kiest om er lekker van te genieten en het dan ook bij een klein stukje kunt houden.

Om je er een beetje bij te helpen, heb ik 12 tips voor jou om niet elke keer weer te bezwijken voor al die snoep-, snack- en snaaiverleidingen.

1. Ga NIET met honger of trek boodschappen doen.

Boodschappen doen is lastig als je last hebt van emotie-eten, eetbuien of snaaidrang. Je kunt jezelf beschermen tegen impuls-aankopen door van te voren iets te eten. Een boterham, een tussendoortje, een stuk fruit… Geloof me, dat maakt het makkelijker om in de supermarkt iets te laten liggen wat je toch al eigenlijk niet wilde

2. Volg je boodschappenlijstje.

Het maken van een boodschappenlijstje is een soort afsprakenlijst. Je maakt met jezelf de afspraak dat je alleen de genoteerde ingrediënten gaat kopen. Vergeet je boodschappenlijst dus niet!

3. Onderweg? Spreek met jezelf af dat je niets extra’s eet.

Onderweg komen we verschillende verleidingen tegen; McDonalds, een benzinepomp, de bakker, een snoepautomaat, een leuk koffietentje… Spreek hardop met jezelf (of met degene met wie je op pad gaat) dat je niets te eten koopt of pakt. Het kost je extra tijd en geld en levert je waarschijnlijk achteraf spijt of een schuldgevoel op.

4. Ga je lang onderweg? Neem zelf een boterham of fruit mee.

Lang in de auto, trein of in het vliegtuig? Ook hier liggen de verleidingen op de loer. Houd je vast aan je eetstructuur (ontbijt – tussendoortje/fruit – lunch – tussendoortje/fruit – diner). Ben je rond lunchtijd onderweg, dan neem je een lekkere boterham mee. Ben je rond 10 uur of 15 uur aan het reizen, stop dan een extra stuk fruit of tussendoortje in je tas. Wel opeten, hè!

5. Als iemand je iets aanbied, wacht een paar tellen en vraag jezelf af of je trek hebt. Oefen eerst met ‘nee’.

Als iemand je iets aanbied, is het lastig om nee te zeggen. In je hoofd zegt het waarschijnlijk dat iemand anders het goedkeurt dat jij nu eet en dus mag jij dat ook van jezelf. Maar dat is natuurlijk onzin! Want iemand anders beslist dat niet. Jij beslist zelf. Maar dan moet je wel weten of je op dat moment iets wilt eten. Even een paar tellen wachten en jezelf deze vraag stellen, zal je al helpen. Vind je dit nog een lastige oefening? Begin dan eerst met een paar keer ‘Nee, dank je’ te zeggen.

6. Eet op vaste plekken, zoals aan tafel of in de kantine.

Als je rechtop aan tafel zit, heb je de beste houding om te eten. Opgevouwen op de bank met je bord op schoot zorgt dat je maag sneller in de verdrukking komt. Dat geld ook voor je onderbuik, waar je spijsverteringsorganen zitten. Je kunt dan minder goed voelen wanneer je echt vol zit. De kans op overeten is dan dus groter. Bovendien eet je aan tafel meer met aandacht. Eten met je partner, gezin, collega’s aan een tafel is natuurlijk ook gezelliger.

7. Kauw rustig en neem de volgende hap pas als je mond weer leeg is.

Ken je dat, dat je saucijzenbroodje al weer op is voordat je het door hebt? Waar is die chocoladereep ineens gebleven? Naar binnen ‘geduwd’ zonder er echt van te genieten. Probeer eens rustiger te kauwen. Geef je speekselklieren de kans om te mengen met het eten in je mond. Dat is beter voor je spijsvertering. Kauw je eten echt ‘op’ en neem pas een nieuwe hap als alles is doorgeslikt. Je zult je sneller verzadigd voelen van het eten.

8. Doe tijdens het eten niets anders (TV, mobiel, krant).

Door je aandacht niet bij het eten te houden, voel je ook niet wat je eet, hoeveel je eet en wanneer je vol zit. Of het nou een ontbijt, avondmaaltijd of een zak chips… Die TV kun je eventueel op pauze zetten, je mobiel kun je even weg leggen en die krant ligt er straks ook nog wel. Start je dag met je aandacht bij je ontbijt en de kans is groot dat de rest van je dag minder eetdrang hebt. Je start je dag namelijk met een goede mindset. Het helpt je om ook je lunch en daarna je avondmaaltijd met aandacht te eten.

9. Leg regelmatig tussendoor je bestek neer.

Vind je het lastig om voortdurend met je hoofd bij je eten te zijn? Dan helpt het om af en toe je bestek neer te leggen. En als je dat dan toch doet, neem eens een diepe zucht. Adem eens goed in en uit. Je handen kunnen dan niet automatisch de volgende hap opscheppen. Rustig kauwen, doorslikken en dan pas weer je bestek pakken. Je zult je gegarandeerd sneller vol voelen.

10. Kook gepaste hoeveelheden.

Niet echt honger meer, maar toch de restjes even opmaken. Zonde om weg te gooien, toch? Vooral tijdens de kerstgourmet. Maar is het dan niet zonde van je gewicht en van je goede eet-voornemens, als je het laat staan? En wat vind je nou eigenlijk belangrijker? Moeilijke vraag! Het helpt in ieder geval om precies klaar te maken en op tafel te zetten wat jij of je gezin nodig heeft. Dan kom je ook niet in de verleiding. Je kunt best de helft van het gourmetvlees in de koelkast bewaren. Grote kans dat het dan ook niet op gaat. Vind je het lastig om te bepalen wat nou gepaste hoeveelheden zijn? Gewoon uitproberen en de maateenheden, aantallen en gewichten opschrijven in een boekje of schrift, zodat je het altijd weer kunt opzoeken.

11. Heb je een feestje? Vraag de gastvrouw om rond te gaan met de hapjes, in plaats van deze op tafel neer te zetten.

Niets is lastiger dan die schaal met heerlijke snacks voor je neus op tafel. Een continue beproeving van jouw daadkracht. Kans is groot dat je toch een keer bezwijkt. Is de gastvrouw een goede vriend/familielid van je, dan kun je van te voren vragen of hij/zij met de hapjes rond zou willen gaan en daarna de schaal niet in jouw buurt wil zetten. Mocht je dit lastig vinden, misschien kun je de gastvrouw aanschieten met een aanbod om te helpen en dan zelf met de schaal rond voordat je ‘m terug zet in de keuken. Je helpt niet alleen jezelf, maar ook de gastvrouw.

12. Eet alleen wat je echt lekker vind.

Spreek met jezelf af dat jij jezelf alleen het beste gunt. Dat betekent dat je alleen nog maar eet wat je echt lekker en gezond vind. Realiseer je je na een paar happen dat die zak snoep toch eigenlijk niet zo lekker is, dan kun je er nu nog mee stoppen. Leg die zak weg, voel of je nog steeds honger hebt en pak iets waar je wèl blij van wordt. Waar je achteraf geen spijt van krijgt.

Elke moment is een nieuw begin.

Als er vroeger iets mis ging in mijn eetgedrag, was meteen mijn hele week ‘mislukt’. Ik mocht van mezelf pas op maandag – de start van een nieuwe week – weer opnieuw beginnen met mijn goede voornemens. Ik ‘moest’ mezelf heel lang schuldig voelen, ik was immers toch niet goed genoeg. Het gevolg was dat ik elke dag slechte eetgewoontes ontwikkelde. Het was tenslotte nog lang geen maandag, of 1 januari. Maar waarom wachten tot maandag of 1 januari? Niemand legde mij die regel op, dat deed ik zelf.

Weet dat ieder moment een nieuwe start kan zijn. Dat is een nieuwe afspraak die je vanaf nu met jezelf kunt maken. Per ongeluk zonder boodschappenlijstje gaan shoppen, een keertje vergeten met je bord aan tafel te gaan zitten… geeft niks, dat kan gebeuren. Maar spreek wel met jezelf af dat je meteen weer de draad oppakt met je positieve voornemens. Gewoon weer verder waar je gebleven bent. Wat gebeurd is, is gebeurd.

Heb je het gevoel dat je meer hulp en tips kunt gebruiken voor, tijdens en na de feestdagen? Dan is de online training Help! Feestdagen! echt iets voor jou!

Heb je iets aan deze tips? Ik ben benieuwd welke jou het meeste aanspreken. Laat gerust een bericht achter bij de reacties!

De waarheid achter BMI

De waarheid achter BMI

BMI zegt niks over jouw gezondheid.

Zo, dat is effe schrikken, hè!

Misschien geloof je me niet omdat je me niet kent en je meer vertrouwen hebt in de medische wereld. Of omdat je het gewoon zo geleerd hebt. Dàt kan ik me voorstellen. Toch is het goed om niet zomaar alles te geloven wat je verteld wordt!

De kans is groot dat jij wel weet hoe hoog jouw BMI is. En misschien ben jij heel erg gefocust op jouw BMI. Om jouw BMI ‘in het groen te krijgen’.

Body Mass Index

BMI is een afkorting voor Body Mass Index. De BMI heette vroeger de Queteletindex en is een index die enkel de verhouding tussen lengte en gewicht weergeeft. Het zegt niks over de verschillen in lichaamsbouw, spierweefsel, vetweefsel en botten. Ook zegt het niks over je metabole gezondheid (hart, bloed, cholesterol etc).

Queteletindex

BMI is bedacht door de Belgische Adolphe Quetelet die leefde van 1796-1874. Dhr. Quetelet was wiskundige en sterrenkundige (hij was géén dokter, arts of geneeskundige!). Hij had een passie voor sociale statistieken en hield allerlei lijstjes bij met statistieken over groepen mensen, bijvoorbeeld hoeveel mensen er maandelijks overleden in Brussel. Dat inspireerde hem om een beeld van ‘de gemiddelde mens’ te vormen. En zo ontwikkelde hij de Body Mass Index, die hij toendertijd Queteletindex noemde. Het woord Body Mass Index is later pas gekomen.

Witte mannen

De Queteletindex is gebaseerd op statistieken van witte mannen om verschillende witte bevolkingsgroepen te onderzoeken. Adolphe Quetelet heeft er toentertijd ook duidelijk bij vermeld dat het Queteletindex alleen betrekking mag hebben op groepen mannen, niet op vrouwen en zeker niet op individuen. Daarnaast heeft het dus geen betrekking op andere bevolkingsgroepen zoals bijv. Aziaten en Afrikanen.

Zelfs binnen Europa zijn er verschillen: Nederlanders zijn namelijk gemiddeld langer en Italianen zijn gemiddeld korter. Dus hoe verhoudt zich dat eigenlijk in die BMI-formule? Dat is dus niet verwerkt in de Body Mass Index.

De Queteletindex (oftewel BMI) gaat dus niet voor jou persoonlijk op. Als je een individuele ‘witte’ vrouw bent, dan is je ‘witte’ afkomst de enige overeenkomst. Als jij bijvoorbeeld een individuele Afro-Amerikaanse of Indische vrouw bent, dan is er geen enkele overeenkomt.

Waarom gebruiken gezondheidsprofessionals over de hele wereld dan BMI?

Dat is eigenlijk heel simpel: het is gemakkelijk te berekenen voor iedereen. That’s all!

De Amerikaanse hoogleraar Keys onderzocht in 1972 diverse methoden om een gezonde hoeveelheid lichaamsvet te onderzoeken bij verschillende groepen mensen. De huidplooimeter was één van de onderzochte methode maar die vraagt om nauwkeurigheid en daar was geen ruimte voor in het onderzoek (gek eigenlijk hè, bij een wetenschappelijk onderzoek. Dat toont aan dat je wetenschappelijke onderzoeken best in twijfel mag trekken) Het gebruik van huidplooimeters was toen een kostbare aangelegenheid in zijn onderzoek. Daarom koos hoogleraar Keys ervoor om de Queteletindex om te dopen naar ‘Body Mass Index’ oftewel BMI. De BMI was uitsluitend bedoeld om gegevens van verschillende groepen (geen individuen) in zijn onderzoek te vergelijken.

Sinds de jaren ’90 is de BMI opgepakt door o.a. de World Health Organisation en door de Amerikaanse overheid om zo gezondheid aan te duiden. Zo is dat uiteindelijk wereldwijd overgenomen. Iedereen kan BMI bereken met een rekenmachine aan de hand van een simpele rekensom en je kunt jezelf gemakkelijk indelen in een categorie. Is je BMI boven de 25 dan heb je overgewicht en is je BMI onder de 18 dan heb je ondergewicht. Je zou volgens de BMI kunnen afvallen of aankomen om weer ‘gezond’ te worden. Terwijl de BMI dus eigenlijk helemaal niks zegt over jouw gezondheid want daarvoor zijn er te weinig gegevens. Alleen maar iets over de verhouding van je lengte en je gewicht.

Grappig weetjes

Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen man/vrouw in de formule. In veel BMI-rekentabellen kun je aanvinken of je man of vrouw bent, maar dit maakt voor de uitkomst geen verschil! Terwijl vrouwen over het algemeen meer vetweefsel hebben en mannen over het algemeen meer spierweefsel. Maar… ook dit is weer gebaseerd op groeps-onderzoek want op individueel niveau kan dat natuurlijk verschillen. Bijzonder toch!

Er zijn mensen met een ‘gezond’ BMI zijn, die allerlei gezondheidsklachten kunnen hebben. En er zijn mensen met een te hoog BMI die gezond en sterk zijn. Volgens de BMI-berekening heeft bokser Rico Verhoeven ernstig overgewicht met een BMI van 30. Terwijl hij kerngezond is.

In 2019 liep Jennifer Smith (160kg) een marathon uit. Er zijn, net zoals ‘slanke mensen’ genoeg ‘dikke mensen’ (met overgewicht volgens de BMI) die een gezond en sterk lijf hebben. In de krachtsport bijvoorbeeld, en dan met name gewichtheffen, zijn veel mensen die in de overgewichtsklasse vallen als je hun BMI bekijkt. Hun spieren zijn juist sterker dan die van slanke mensen. Hopelijk ben je het inmiddels met me eens dat het een achterhaald vooroordeel is dat dikke mensen lui en ongezond zijn en dunne mensen fit en gezond zijn!

BMI is aangeleerd

Feitelijk is het gebruik van BMI voor individuele personen dus onjuist. Maar je moet ook begrijpen dat dit zo in alle zorgopleidingen aangeleerd wordt, dat dit ook is hoe bijv. huisartsen het leren. Ik heb zelf de opleiding tot Gewichtsconsulent gedaan en ook daar heb ik geleerd om de BMI van een individuele klant te berekenen. Het staat in de boeken en er werd verwacht dat ik dat toepaste bij de praktijkopdrachten om mijn diploma te halen. Gelukkig heb ik ook geleerd in diezelfde opleiding om huidplooimetingen te doen en worden Gewichtsconsulenten aangeraden om geavanceerde weegschalen te gebruiken die een beter beeld geven van je metabole gezondheid.

Je gezondheid kan niet enkel worden weergegeven door een BMI. Laat je dus niet van de wijs brengen wanneer jouw BMI niet in de ‘gezonde’ categorie valt. Het zegt namelijk niks over je gezondheid.

BMI en het Corona-virus

Het zal je niet ontgaan zijn dat ‘een te hoge BMI’ in verband wordt gebracht met het Corona-virus. Omdat BMI is ontwikkeld om groepen mensen te onderzoeken, kunnen artsen zeer zeker stellen dat groepen mensen met een verhoogde BMI een risicofactor hebben. Maar ook hier gaat het weer over groepen mensen. Wat belangrijk voor jou is om te weten dat jij niet een hele groep representeert. En dat jouw BMI niet alles zegt over je gezondheid. Het is dus voor jou belangrijk om deze informatie niet persoonlijk op te vatten. Jij weet zelf het beste of je fit bent, een goede conditie hebt, voorzichtig bent met de mensen om je heen, of je  een goede persoonlijke hygiëne hebt etc. Je kunt het vergelijken met ‘rokers hebben verhoogde kans op longkanker’. Dan weet je nog niet of iemand een gelegenheidsroker is of een verstokte roker, of kanker al een erfelijkheidsfactor is bij iemand en wat de conditie van iemand z’n longen bijvoorbeeld is.

Maak je je zorgen over je eigen gezondheid? Werk dan aan een fit, soepel en sterk lijf op een manier die bij jou past. Voor de één is dat een dagelijkse korte wandeling en voor de ander is dat lekker dansen of 3x per week een pittige workout.

Het gevaar van BMI

Ik vind dat BMI ook gevaren met zich meebrengt. Als eetbuiencoach ontmoet ik veel mensen die volledig gefocust zijn op dat getal van hun BMI. Dit heeft natuurlijk te maken met het getal op de weegschaal. Ik vind dit vooral schadelijk omdat veel vrouwen zich identificeren met dat getal.

  1. Op de allereerste plaats ben je veel meer dan het getal op de weegschaal of de kleur van je BMI-getal. Er is meer in het leven dan je lijf!
  2. Op de tweede plaats geeft het je de overtuiging geeft dat je niet goed genoeg of niet gezond bent. Het maakt je juist onzekerder over jezelf.
  3. Op de derde plaats houdt het je in een vicieuze cirkel van diëten en eetbuien. Dát is juist ongezond voor je lichaam. Snel of veel afvallen is sowieso slecht voor je lijf want het vertraagt je metabolisme.
  4. Door alle bovengenoemde punten neemt het BMI-getal, het weegschaalgetal, het lijnen en afvallen en de daarbij behorende eetregels (wat je wel/niet mag eten) en beweegregels (bijv. minimaal 4x per week moeten sporten) zoveel ruimte in beslag, in je hoofd, dat je hele leven er om gaat draaien en je nergens meer van kunt genieten. Gevolg: je denkt de hele dag door aan eten en bewegen en bent de hele dag door aan het bodychecken.

Goede gezondheid

Gezondheid is meer dan alleen je gewicht (en je lengte). Gezondheid is ook een sterk en fit lijf. Daar staat overgewicht los van. Gezondheid is ook mentale gezondheid, bijvoorbeeld een goede relatie met eten, gelukkig zijn met jezelf, een positieve mindset. En bij gezondheid horen ook fijne familierelaties, leuke sociale contacten, voldoende financiële middelen, een leuke baan een veilige thuis.

Onder begeleiding van een gezondheidsprofessional

Ben je onder begeleiding van een arts of personal trainer die uitgaat van BMI? Check dan vooral of zij meerdere testen doen om je gezondheid te bepalen. Bijvoorbeeld een vetmeting of bloedtest. Wees nieuwsgierig en vraag er gerust naar. Jij bent immers de baas van je eigen lijf.

Je mag ook, op basis van jouw mentale gezondheid, weigeren om op de weegschaal te gaan staan (mits het natuurlijk medisch relevant is om bijv. hoeveelheid medicatie te bepalen op basis van je gewicht). Je kunt dan best zeggen dat het voor je psychische gezondheid beter is om je niet te focussen op je gewicht. Is het toch nodig om te wegen, bedenk dan dat je ook kunt vragen of ze het getal afschermen en niet hardop oplezen. Dat het wel in je dossier komt, maar je het niet hoeft te weten.

Ben jij in de ban van jouw BMI of je gewicht en herken je ook de gevaren ervan? Dan is het belangrijk dat je dat los gaat laten. Je kunt beginnen met je weegschaal weg te doen of te gaan verstoppen. En je niet meer te wegen op de sportschool. Check in plaats van te wegen gewoon eens bij jezelf hoe je je voelt. Voel je je fit of stijf? Ben je vandaag in goede conditie of ben je sneller moe? Dit zegt namelijk meer over je gezondheid dan een getal.

Zou je wel wat ondersteuning en support kunnen gebruiken bij het loskomen van je BMI en dat getal op de weegschaal, omdat ze je in de vicieuze cirkel van lijnen en eetbuien houden? Stuur me gerust een bericht voor een vrijblijvend kennismakingsgesprek waarin ik je vertel hoe ik je kan helpen hiermee!